Peter Koene, Liedjeszanger 1948-2013

Archief

De onschuldig gehangene

Een dienstmeid wordt er, ten onrechte en opzettelijk, van beschuldigd in het geheim een kind te hebben gebaard en vermoord. Zij wordt veroordeeld tot de galg. Haar minnaar gelooft heilig in haar onschuld en die blijkt ook wel doordat zij op wonderbaarlijke wijze en op voorspraak van Maria, na drie dagen nog in leven is. Uiteindelijk wacht degenen die haar vals beschuldigd hebben een wrede maar welverdiende straf.

Beluister fragment

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Te Franeker buiten de poorte daar woonde een herbergier
waar vele kooplieden logeerden; men tapte goed wijn en goed bier

En de dochter die had er veel vrijers en de dienstmeid die had er maar één.
De dochter ging zwaar van een kleintje en dat wist er de moeder alleen

De dienstmeid ging schrobben en schuren en zo deed zij haar zondags werk
Ze zou er haar bedje gaan schudden en daar vond zij een kindje vermoord

Toen de moeder en dochter thuis kwamen riep zij er: o vrouwe hoort
Ik zou er mijn bedje gaan schudden en daar vond ik een kindje vermoord

En gij beest en gij zwijn en gij hoere, vond gij er een kindje vermoord
Dan hebt gij dat zelve gedragen en dan hebt gij dat zelve gedaan
Drie dagen zult gij moeten hangen te Franeker buiten de poort

En als ik er drie dagen moet hangen te Franeker buiten de poort
Ja dan hoop ik dat god mij een teken geeft en dat hij dr mijn stemme verhoort

Het was een paar dagen later, toen kwam er een koopman aldaar
Hij sprak: “waar is mijn uitverkoren en waar is er mijn hart allerliefst?”

“Was dat er uw uitverkoren en was dat er uw hart allerliefst?
Die heeft er een kindje gedragen en dat heeft zij zelve vermoord”

Dat kan ik zeer kwalijk geloven, dat kan ik zeer kwalijk verstaan
want ik heb het haar zo dikwijls geboden en nooit heeft ze mijn wille gedaan” *

Hij stak er zijn paard met de sporen en reed naar het galgenveld heen
“Hangt gij hier, mijn uitverkoren en vermorst gij hier uw bloed?”

“Nee ik hang er niet noch ik sta niet maar ik rust in Maria haar schoot
en de engelen uit Gods hemel die brengen mij wijn en brood”

Hij stak er zijn paard met de sporen en hij reed naar het herenhuis heen
Hij sprak “Mijne heren, de rechters, wat voor onrecht hebt gij nu gedaan? *

Gij hebt mijn zoetlief laten hangen, zij hangt er in onschuld en nood
kom rij er eens met mij mede, zij zal u nog antwoorden gaan”.

Zij staken hun paard met de sporen en reden naar het galgenveld heen
“Hangt gij hier, mijn uitverkoren en vermorst gij hier uw bloed?”

“Nee ik hang er niet noch ik sta niet, maar ik rust in Maria haar schoot
en de engelen uit Gods hemel die brengen mij wijn en brood”

De heren begonnen te wenen, de dienstmeid die werd losgemaakt
drie dagen had zij er gehangen, onschuldig al buiten de poort *

De dienstmeid werd losgesneden en de dochter voor haar in de plaats
De vroedvrouw werd levend geradbraakt en de moeder in olie verbrand.

 


Ate Doornbosch nam dit lied maar liefst 59 keer op (Onder de groene linde,deel 1, nr 21).
Plaats van handeling is meestal Frankrijk, een enkele keer Franeker, soms Frankfurt.
Onze melodie is gebaseerd op Doornbosch’ opname uit 1969 van Frouke Meijer-Visschier te Muntendam (geleerd in haar jeugd te Finsterwolde). LP: Toen Rollewijn over die bergen kwam… De tekst stelden we samen uit verschillende versies.

In de 16e eeuw was deze ballade ook in Duitsland bekend.
Een soortgelijk verhaal, met betrekking tot een pelgrim op weg naar Compostella, dateert uit de 13e eeuw (Legenda Aurea).

Voor een afwijkende versie en nadere informatie, zie De Friese Tjalk van S.J. van der Molen.

Comments are closed.